Dag 38: Van Capalbio naar Ravenna

Een dag met gemengde gevoelens

Op de achtendertigste dag van de camperreis Sardinië rijd ik rond 8.30 uur naar Grosseto. De kleine universiteitsstad biedt niet veel bijzonders maar maakt wel een dynamische indruk. Daarna rijd ik door naar Siena waar ik jaren geleden enkele maanden verbleef. Dat was een tegenvaller. Tenslotte rijd ik door naar Ravenna.

Grosseto

Ook tijdens mijn maandenlange verblijf in Siena ben ik nog nooit in Grosseto geweest. Als je de stad binnenrijdt maakt hij een wat onpersoonlijke indruk. Maar binnen de oude stadsmuren blijkt het een heel dynamisch stadje te zijn. De plaats telt slechts 80.000 inwoners maar ondanks dat geringe aantal herbergt het een universiteit. Bovendien zetelt er een bisschop in Grossetto.

Ik kan langs de ringweg parkeren en dan is het maar tien minuten lopen naar het centrum binnen de stadsmuren. De stad maakt een dynamische indruk. Het motto van de stad is dat ze ijvert voor gelijkheid en in het centrum merk je dat al snel als er een groep actie voert voor gelijke rechten voor onze homoseksuele medemens. De binnenstad is autovrij en er zijn tal van fietspaden aangelegd.

In een van de straten word ik door een andere actiegroep aangesproken die zich inzet voor het ontwikkelen van een programma om drugsverslaafden af te laten kicken en nieuwe perspectieven te bieden. De jongen die mij aanspreekt is zelf drugsverslaafd geweest en zet zich nu in om anderen te helpen. Hij kent de Nederlandse situatie redelijk goed en is op cursus geweest bij de Jellinek kliniek om te leren hoe hij een dergelijk programma in Grosseto moet opzetten. En dan komt er natuurlijk de vraag voor een donatie die ik graag geef. Overigens merk ik wel dat er inderdaad relatief veel drugsverslaafden rondlopen in de binnenstad. Wat zou de oorzaak zijn?

Grosseto

Het centrum heeft zeker sfeer ook al zijn er tal van mislukte inbreidingsprojecten uit de jaren ’60 te zien. Het centrale plein met de aangrenzende dom ziet er ook mooi uit. Ik waardeer zeer de combinatie van oude en moderne kunst die in beeldhouwwerken tot uiting komen.

Binnen de mooie domkerk draagt de bisschop de mis op met behulp van keihard afgestelde geluidsboxen. Het echoot dat het een aard heeft en voor zover ik zijn preek begrepen heb kan ik me niet indenken dat hij veel studenten aantrekt. Er zitten dan ook maar 12 oudere mensen in de kerkbanken.

Ik zwerf nog wat door de stad heen om te eindigen met een caffe doppio en een brioche. Het museum waar veel Etruskische kunst te zien is is helaas gesloten. Waarschijnlijk komt hier de vloek tot uiting die over mij uitgesproken is door prof. Frits van der Meer.

Intermezzo

Nu moet ik dat even kort toelichten. Toen ik nog bibliothecaris was studeerde ik eveneens enkele jaren kunstgeschiedenis in Nijmegen. Een fantastisch docent was prof. Frits van der Meer (hoogleraar kunstgeschiedenis oudere tijden). Hij was zeer te spreken over het feit dat ik naast mijn werk als bibliothecaris ook nog kunstgeschiedenis studeerde. En dat liet hij niet onbetuigd om alsmaar weer mijn mening te vragen tijdens de colleges en daar volledig mee in te stemmen of in ieder geval mijn mening als ‘interessant’ te kwalificeren. Totdat…. hij er achter kwam dat ik niet in een wetenschappelijke bibliotheek werkte maar directeur was van een netwerk van openbare bibliotheken. Dat vond hij niks. Je kon tenslotte het domme volk toch niet opheffen.

Het mondeling tentamen dat ik daarna bij hem moest doen ging over Etruskische kunst. Ik geloof dat hij wel een kwartier heeft doorgevraagd over de boortechnieken bij de graven van de Etrusken. Omdat ik er niet al te veel van wist resulteerde het in een onvoldoende. Ik wil geen verband leggen tussen de twee gebeurtenissen maar ik vermoed…. Desalniettemin was het een fantastische en inspirerende docent wiens klassieke boeken ik soms nog wel eens raadpleeg of doorlees.

Terug naar het reisverslag. Grossetto is dus niet een fantastische stad maar wel heel sympathiek en dynamisch met weinig toeristen. Het belang daarvan (weinig toeristen) kun je afleiden uit mijn volgende bezoek.

Siena

Enkele tientallen kilometers verderop wil ik Siena bezoeken. Ik heb daar ongeveer 40 jaar gelden een paar maanden gestudeerd. Een mooie tijd. Ik wilde Siena graag terugzien. Nu weet ik dat dit soort ‘sentimental journeys’ niet altijd goed uitpakken. Dus ik had mijzelf streng toegesproken om te accepteren dat er veranderingen plaatsvinden en dat je die maar beter kunt accepteren dan terugvallen in nostalgie.

Als ik in de buurt kom van Siena herken ik al bijna niets meer. De eenvoudige aanrijdroutes van weleer zijn nu veranderd in snelwegen die door tunnels razen. Als ik buiten de muren van de stad op zoek ben naar een parkeerplek word ik via elektronische borden verwezen waar nog plek is. Dat is dan nog kilometers buiten de stad. Wat een verschil. Destijds waren er kleine parkeerplaatsen buiten de diverse Portas. Ik kon altijd parkeren op zo een parkeerplaats bij de psychiatrische inrichting. Ook kon ik vaak parkeren op het marktpleintje achter het gebouw waar ik een kamer huurde. Dus binnen de muren.

Ondank het mijzelf streng toespreken schrik ik van de impact van het toerisme. De straten lijken alleen nog maar voorzien te zijn van kledingwinkels, telefoonwinkels, souvenirshops en restaurants. Je ziet geen gewone inwoner meer, alleen maar toeristen en dan nog van de platte soort met ratelende rolkoffers. Mooie palazzi zijn hoofdkantoren van banken geworden. Wat zou er van dat mooie conservatorium geworden zijn?

Siena

Ik loop door naar de Via del Porrione waar ik destijds een kamer huurde in een hechte contrada (wijk). Een volkswijk achter de Campo destijds voorzien van veel buurtwinkels voor primaire levensbehoeften. Niets meer van over. Alleen maar toeristen en restaurants. Geen enkele buurtwinkel. Geen onderling groeten van buurtbewoners en hun gasten want die zijn er waarschijnlijk niet meer. De hele wijk lijkt mij kapotgemaakt. Wat doet dat met de sociale structuur.

De Palio en de contrada

Destijds waren de bewoners van Siena in de eerste plaats inwoner van een contrada en slechts in de tweede plaats inwoner van Siena. Die gehechtheid aan de buurt kwam het meest fanatiek naar voren tijdens de voorbereidingen van de paardenrace; de Palio in augustus, waar de 17 wijken tegen elkaar racen in een paar rondjes over de Campo (ook wel het mooiste plein van Europa genoemd). Met een diner op straat voor de hele wijk (ik woonde in de Contrada Torre en hoor ons nog keihard het wijklied zingen als een soort mantra, aan de lange tafels en ons moed indrinken). Ik herinner me nog levendig de zegening van het paard en de jockey in de kerk die voor de contrada renden. Dat zal er wellicht nog wel zijn maar op toeristische basis vrees ik.

Ik maak lusteloos nog wat kiekjes maar ik wil dit verder niet meer zien en keer teleurgesteld, geëmotioneerd en verdrietig terug naar de camper. En ik had mezelf toch zo flink toegesproken om veranderingen te accepteren. Maar dit was echt te veel.

Zoals mijn geboortestad Amsterdam mijn Amsterdam niet meer is, zo is Siena niet meer die mooie en persoonlijke stad waar ik zo een gelukkige tijd heb doorgemaakt. Wat heeft die Ilja Pfeyffer toch gelijk met zijn boek Grand Hotel Europa.

Ravenna

Ik rijd ruim honderd kilometer naar het oosten naar Ravenna. Daar ben ik ook nooit geweest. Ik wil er de vele byzantijnse kunstschatten zien. Tijdens de rit naar Ravenna denk ik nog terug aan mijn ervaring met Siena. Gelukkig overheerst mijn gevoel over die mooie stad uit de tijd dat ik er studeerde. Ik denk dat ik deze laatste nare ervaring wel kwijt zal raken. Meer over Ravenna morgen.

Delen met je netwerk?
(Visited 130 times, 1 visits today)