Camperreis Spanje dag 68; van Finisterre naar Cabo Vilan

Cabo Vilan

Langs de Noordwestkust van Spanje

Voor vandaag heb ik niet heel erg omlijnde plannen. Ik ga op deze 68e dag van de Camperreis Spanje wat willekeurige plaatsen aan de kust bezoeken: Muxia, Camariñas en de vuurtoren aan de Cabo Vilan. Daar in de buurt vind ik ook mijn overnachtingsplaats.

Ik sta vandaag relatief laat op. Het is moeilijk om deze mooie overnachtingsplek te verlaten. Maar de reis gaat door. Na ontbijt en schoonmaken rijd ik naar de bewoonde wereld om daar mijn blog up te loaden. Op de overnachtingsplaats bij Finisterre had ik te weinig bereik om dat te doen.

Muxia

Daarna rijd ik door naar Muxia. Het is een aardig plaatsje met een kleine haven waarvan de pleziervaart inmiddels ook gebruik maakt. Ik loop er wat rond. Het is maandagmorgen en net als in Nederland hebben de Spanjaarden niet zo veel zin om de werkweek te beginnen. Het is dan ook uitgestorven in het dorp.

 

Camariñas

Ik rijd door naar Camariñas. Daar is het iets levendiger. Alhoewel het dorp kleiner is dan Muxia heeft en grotere haven met vrijwel uitsluitend vissersboten. Het merendeel van de vloot bestaat uit heel kleine scheepjes waarmee ik me nog niet op een rustig meer zou wagen, laat staan op de Costa de Morte. Het valt me op hoe ongelooflijk snel deze boten kunnen varen. Er komt met een noodgang zo een klein bootje naar binnen racen. Snel worden wat manden met stekelige bollen op de kade gezet en weg racen ze weer. Ik denk dat er hier ook veel op inktvis wordt gevist want op de kade zie ik tal van deze inktviskooien staan.

Cabo Vilan

Ik lunch aan de rand van de haven en rijd dan vier kilometer door naar Cabo Vilan. Daar staat een hoge vuurtoren die de vervanger is van een veel oudere vuurtoren die als een ruïne ook nog overeind staat. Voordat ik er aan kom rijd ik eerst langs een onderzoekscentrum voor windenergie en een heeeeeel grote viskwekerij. Er staan enkele honderden ronde bassins in één heel groot rechthoekig bassin. Aan de zeekant is een soort sluis gebouwd. Ik vermoed dat het daarmee mogelijk is om zeewater naar binnen te laten lopen tot de hoogte van de ronde bassins. Daarna kan het verse zeewater weer in de ronde bassins gepompt worden.

De kwekerij is een soort restaurant voor meeuwen. Want iedere keer als een medewerker een van de ronde bassins opent storten de meeuwen zich vol overgave op de inhoud ervan. De medewerker lijkt het koud te laten. Het zijn waarschijnlijk ingecalculeerde verliezen.

Dan rijd ik door naar de vuurtoren. Eventueel wil ik hier overnachten want het is inmiddels al weer 16.00 uur geworden. Maar dat overnachten daar is niet zo een bijster goed idee. Het stormt er dat het een aard heeft en ik heb moeite om op mijn benen te blijven staan. Dan ga ik maar liever iets lager en beschutter staan. De flora rond de vuurtoren is adembenemend mooi.

Na een uurtje vertrek ik van de vuurtoren en rijd ik ongeveer twee kilometer terug. Daar parkeer ik de auto om een wandeling tot vlak langs de rotskust te maken. Het is er weer prachtig. Ik kan de zeegrens tot op enkele meters benaderen en de branding is weer fantastisch.

Rond 18.00 uur rijd ik nog een kilometer door naar een grote parkeerplaats van grind. Ik ben er de enige. Hij ligt in de luwte dus een prima plek als overnachtingsplaats. Het uitzicht kan zich natuurlijk niet meten met Finisterre maar deze plek is goed genoeg voor mij.

Het waait te hard om nog buiten te zitten. Dus ik ga eerst de blog bijwerken. Daarna koken en lezen zal wel een belangrijk onderdeel van het avondprogramma worden.

Delen met je netwerk?
(Visited 153 times, 1 visits today)