Dag 24: Van Svartnora naar Rundvik Rönnholm
De Hoge Kusten
Vandaag rijd ik door het prachtige gebied ‘De Hoge Kusten’. Daarnaast wandel ik door de wetlands van het Skuleskogen National Park en ik bezoek het industriestadje Örnsköldsvik (224/4.170 km).
Over De Hoge Kusten
Er wordt vandaag ook weer mooi weer verwacht. En al s ik op de weersvoorspelling kijk voor de komende 14 dagen dan zie ik alleen maar het cijfer 9 en 10 als waardering voor het te verwachten weer.
Vandaag leidt het traject voor het grootste gedeelte door het mooie gebied ‘De Hoge Kusten’. Het is een van de mooiste streken die ik tot op heden in Zweden heb gezien. Het ‘hoge’ moet je met een korreltje zout nemen want de ‘bergen’ zijn in het algemeen niet veel hoger dan ca. 300 meter. Maar omdat ze vrij stijl zijn en gelijk aan de kust beginnen maken ze een veel forsere indruk. Bovendien is de top nog niet bereikt. Door de werking van de grond groeit het heuvelgebied iedere 100 jaar met ca. 1 meter. Eens zullen ze dus hoogte van de Alpen bereiken en daar neemt de naam van het gebied maar alvast een voorschot op.

Het gaat vandaag langzaam want een groot gedeelte van het traject leidt over ‘dirty roads’, die overigens heel goed te berijden zijn maar het verlaagt wel de snelheid tot maximaal 30 km/h. De uitzichten zijn adembenemend en de bermen van de weg staan in volle bloei.
Het is moeilijk vast te stellen of de meren die ik voorbijrijd nu echt meren zijn of dat het uitlopers zijn van een baai van de Botnische Golf.
Het Skuleskogen National Park
Als ik het gebied doorgereisd ben kom ik aan bij het Skuleskogen National Park.

Het is niet een heel bijzonder park maar ik wil graag het traject lopen dat door een 7 meter brede kloof leidt van 40 meter hoogte. Helaas blijkt die kloof bijna 7 km verwijderd te zijn van de dichtstbijzijnde ingang van het park. Met de kloof erbij wordt dat dus een wandeling van tussen de 15 en 20 km. Helaas ik moet aan leeftijdscapitulatie doen en constateren dat dit soort activiteiten zo langzamerhand fysiek onhaalbaar aan het worden zijn.
Dan maar een wandeling met Luna door een gedeelte van het park dat uit wetlands bestaat. Dat betekent dus een flink stuk wandelen over smalle houten vlonders. Na 2 uur keren we terug van de wandeling en Luna stort neer in slaap want zij loopt los van de riem en loopt dus de dubbele afstand.

Aan het einde van de wandeling praat ik nog een half uurtje met een jong stel met een dochtertje van 2 jaar. We hebben min of meer de zelfde manier van reizen. Net als vrijwel alle Zweden weten ze een mooie balans te vinden tussen werk en vrije tijd. Die vrije tijd spenderen ze zo vaak als mogelijk aan reizen. Ook zij proberen zo vaak als mogelijk ‘wild’ te kamperen. Voor deze reis hebben ze een tent gehuurd die ze op het dak van hun auto kunnen plaatsen. Tot op heden bevalt dat heel goed. Ook alle andere zaken proberen ze eerst uit door spullen te lenen of te huren. Wat dat betreft is er veel mogelijk in Zweden. Aan het einde van het gesprek vraagt hij met een vette knipoog of hij Luna mag meenemen. Ik zeg OK als ik jouw dochtertje mee mag nemen. Nee, laten we het dan maar bij de huidige situatie houden.
Örnsköldsvik
Na het gebied van de Hoge Kusten rijd ik door naar het stadje Örnsköldsvik. In het Camperreisboek Zweden wordt deze stad gekenmerkt als een niet al te fraaie industriestad. Maar als industriestad vind ik het een van de beter geslaagde steden. Er staat overigens wel heel veel meer onzin in deze hier genoemde reisgids. Niet kopen!
Opvallend is dat er ook veel aan moderne architectuur gedaan wordt. Waarschijnlijk door de stadsarchitect want onmiskenbaar zijn meerdere gebouwen van zijn hand. En het zijn geen slechte voorbeelden. Heb ik het nu goed dat een vergelijkbaar gebouw aanwezig is op de Zuidas in Amsterdam? Dan moet dat gebouw van deze architect zijn of er is sprake van plagiaat.

Als ik Örnsköldsvik weer uitrijd kom ik er achter dat ik veel te ver ben doorgereden. Ik besluit dan ook om mijn route voor morgen aan te passen. Ik moet sowieso de rest van het hele reistraject nog eens goed overwegen. De afstanden zijn veel groter dan ik in de planning vermoed had en ik denk dat het doorreizen naar het hoge noorden betekent dat ik de reis moet verlengen met zeker 2 weken. Komende dagen nog maar eens goed nadenken.

Het is 17.00 uur en ik ben behoorlijk moe van de lange trajecten over de onverharde paden. Dus snel een goede overnachtingsplek vinden. Ook die vind ik in een niet zo heel bijzonder gebied gelegen aan een onverharde weg. Niet de mooiste plek maar de ogen heb ik toch dicht voor het grootste gedeelte van de nacht. Nou ja, nacht. Ik ben intussen zo ver naar het noorden gereisd dat het ’s nachts helemaal niet meer donker wordt.








Leave a Comment